zaterdag 7 oktober 2017

Jezus en Jeruzalem

Zacharia 11 t/m 14 bevatten ongelooflijke beloften die grotendeels nog op vervulling wachten. Wat wij meemaken in onze tijd lijken geweldige voorboden van alles wat Zacharia heeft gezien als profeet. Hierbij mogen we niet vergeten dat veel beloften uit het boek Zacharia direct betrekking hebben op en gericht zijn op zijn eigen toekomst. Gelden deze beloften ook voor nu nog? Je zou kunnen denken, komt er nu nog wat van zijn beloften uit? We zullen zien!
Allereerst is Zacharia door God geroepen om de teruggekeerde ballingen in Jeruzalem te bemoedigen. Zou herbouwden de tempel en de stad Jeruzalem. Maar door tegenwerking zijn deze herstelwerkzaamheden stilgelegd. Mensen raakten ontmoedigd en stopten het werk. Juist aan hen richt Zacharia zich met zijn acht nachtelijke visioenen (Zacharia 1 t/m 6). Maar wat dacht je van de heerlijke belofte uit Zacharia 8: ”Er zullen weer oude mannen en vrouwen zitten op de pleinen van Jeruzalem ieder met zijn stok in zijn hand vanwege de hoge leeftijd. De pleinen van de stad zullen vol worden met jongens en meisjes die spelen op haar pleinen.” Deze profetie is zeker al vervuld, want toen Jezus in Jeruzalem kwam, was de stad een bruisende en levendige stad, waarin de tempel centraal stond en ouderen en jongeren daarin woonden, werkten, offerden en baden.
Als we in Zacharia 11 lezen over Zacharia die een opmerkelijke actie uitvoert. Hij gaat enkele maanden als herder werken. Daarbij ontslaat hij slechte herders, en verbreekt zijn herdersstaf Liefelijkheid en Samenbinding. Voor zijn werk wordt weinig waardering gegeven: slechts dertig zilverstukken krijgt hij hiervoor. Natuurlijk is deze belofte ook vervuld, toen de Goede Herder zijn leven gaf voor zijn schapen.  Zie ook de beroemde tekst “Zwaard, ontwaak tegen mijn Herder… Sla die Herder en de schapen zullen verstrooid worden.” (Zacharia 13:7-8)
Maar vanaf Zacharia 12 komen er opmerkelijk genoeg profetieën voor die nog te gebeuren staan. Jeruzalem wordt genoemd een bedwelmende beker of ook een zware steen waaraan de volken zich vertillen. Het gaat over een belegering van Jeruzalem waarbij alle volken zich tégen haar keren. “Dan zal Ik alle heidenvolken verzamelen voor de strijd tegen Jeruzalem.” (Zacharia 14:2)  En als al die heidenvolken tegen Jeruzalem opkomen, zal “D HEERE uittrekken en tegen die heidenvolken strijden, zoals de dag dat Hij streed, op de dag van de strijd. Op die dag zullen zijn voeten staan op de Olijfberg.” (Zach. 14:3,4). Zowel joden als christenen moslims, ja zelfs de hele wereld heeft zijn ogen gericht op Jeruzalem. Het is inderdaad een steen des aanstoots, het valt zelfs onder de door de VN benoemd ‘bezette gebieden’. Velen in de wereld zouden de stad willen zuiveren van joden alsof het een ghetto is dat gezuiverd moet worden. Wat Hitler niet heeft bereikt, wordt opnieuw beraamd. Vele volken erkennen de status van Jeruzalem en zelfs de staat Israël niet. Machtige krachten bundelen zich samen voor de strijd tégen Israël en Jeruzalem. Wat eeuwenlang niet mogelijk was, is weer mogelijk: heidenvolken strijden tegen Jeruzalem.

En hoe zit het dan met de tekst dat “zijn voeten staan op de Olijfberg?”  Zal dit niet zijn als Jezus voor het oog van de hele wereld terugkomt. Dan “zullen zij Mij aanschouwen, Die zij doorstoken hebben. Zij zullen over Hem rouw bedrijven … bitter klagen, zoals men bitter klaagt over een eerstgeborene.” Vele joodse geleerden wachten op het moment dat hun Messias zal verschijnen op de Olijfberg. En Wie zullen zij anders ontmoeten dan de Zoon van God, Jezus de Messias. Over hem schrijft Johannes vanuit Patmos: “Genade zij u en vrede, van Hem Die is en Die was en die komt … van Jezus Christus, die de getrouwe Getuige is, de Eerstgeborene uit de doden … Zie, Hij komt met de wolken en elk oog zal Hem zien, ook zij die Hem doorstoken hebben. En alle stammen van de aarde zullen rouw over Hem bedrijven. Ja Amen.” (Openbaring 1:4-7). Komt er nog wat van? Zeker, Hij komt! 

woensdag 27 september 2017

Daniël - standhouden bij tegenwerking

Opbouw van het boek
1
Inleiding
Daniël en vrienden aan koninklijke hof.


Tabel 1 Overzicht van de opbouw van het boek Daniël

2
Nebukadnezar - wereldrijken
Droom van beeld – goud, zilver, koper, ijzer

7
Daniël – wereldrijken
Visioen vier grote dieren.
3
Nebukadnezar
Gouden beeld – drie vrienden om hun geloof  in de oven geworpen

6
Darius
Leeuwenkuil – Daniël om  zijn geloof in kuil gegooid.
4
Nebukadnezar – droom van omgehakte boom. #vernedering voor God

5
Belsazar
Ziet een hand op de muuur:  gewogen en te licht bevonden #gedood




8
Daniël – ram en geitenbok
Visioen over nabije toekomst


9
Daniël – gebed en visioen
Gebed om einde ballingschap. Visioen over 70 jaarweken tot de komst van de Messias


10-12
Daniël – visioen eindtijd
Visioen over de verre toekomst


 Het boek Daniël bestaat uit twee delen die onderling samenhangen. De eerste zes (geschiedkundige) hoofdstukken verhalen het leven van Daniël in zes anekdotes. In de laatste (profetische) zes hoofdstukken vinden we een indringend gebed en drie indrukwekkende visioenen over de komst van Gods koninkrijk en de eindtijd.
Van het kunstig vormgegeven boek kennen we bijna alleen de hoofdstukken 2 t/m 7. De thema’s die hier naar voren gebracht worden, lijken spiegelverhalen. De laatste vier hoofdstukken bevatten visioenen die Daniël ontvangen heeft met betrekking tot de nabije en verre toekomst.  Zie voor een duidelijke uitleg de video hiernaast.  
                Daniël bidt om het einde van de ballingschap. De zeventig jaar door Jeremia voorzegt, zijn bijna voorbij. Hij krijgt dan een visioen waarin de engel Gabriël hem verteld dat er nog meer moet gebeuren. Nog 7 x 70 jaar zullen er voorbijgaan voordat de Messias komt. En dat is ook uitgekomen.

Betrouwbaar en verantwoordelijk.
Daniël en zijn vrienden ontvangen Babylonische namen en krijgen een hoge opleiding in de taal en cultuur van de Chaldeeën. Samen besluiten ze vast te houden aan hun God. God zegent hen met buitengewone wijsheid en geeft Daniël de wijsheid om dromen uit te leggen. Zij buigen echter niet voor de goden van Babel. Dit komt de vier vrienden duur te staan (Dn 3, Dn 6).
Van Daniël en zijn vrienden leren we hoe je als gelovige in een minderheidspositie kunt standhouden. Zij getuigen van een onverzettelijk geloof in hun betrouwbare God. De drie vrienden belanden hierdoor in de vurige oven (Dn 3) en Daniël in de leeuwenkuil (Dn 6). De uitkomst is buitengewoon verrassend: de heidense koning erkent de macht van de HEERE God.  


zondag 9 juli 2017

Jesaja - oordeel en evangelie

Jesaja
Jesaja is één van de zogenoemde ‘grote’ profeten. Mannen zoals Elia en Elisa hebben geen eigen werken nagelaten. Jesaja kon schrijven, waarschijnlijk dankzij zijn afkomst als kind van rijke ouders, woonachtig in de hoofdstuk Jeruzalem. In de 8e eeuw voor Chr was er relatief veel welvaart, maar de rijkdom leidt ook tot afgoderij, egoïsme en zelfgenoegzaamheid.
De omringende volken spelen een grote rol in het politieke leven, maar ook in de profetieën. Zo maakt Jesaja de opkomst van de Syriërs, maar ook van de Assyriërs mee en voorzegt de grote invloed van de koningen van Babel. 

Jesaja 1 t/m 12
Net als andere profeten moet Jesaja een boodschap van ondergang brengen. Hij is een oordeelsprofeet. Dit oordeel komt vanwege hun egoïsme: de armen en onderdrukten helpen zij niet (1:16-17). Het financiële en sociale onrecht dat deze mensen wordt aangedaan, gaat God hen toerekenen. 
Tegelijk biedt God redding en vergeving aan. “Al waren uw zonden als scharlaken, ze zullen wit worden als sneeuw.” (Jes 1:18). Of ook “Vele volken zullen gaan en zeggen: Kom laten wij opgaan naar de berg van de HEERE, naar het huis van de God van Jakob; dan zal Hij ons onderwijzen aangaande Zijn wegen, en zullen wij zijn paden bewandelen.” (Jes 2:3).

Jesaja 5 benadrukt dat God een verbondsrelatie heeft met Israël. Hij vergelijkt het volk met een wijngaard. Deze levert echter slechte druiven op en is dus ongeschikt om God te dienen. Hierna (Jes 5:8-24 worden zes zonden van het volk benoemd - heel herkenbare:
1)      “Ikke ikke, en de rest kan stikke”grote akkers en rijke huizen, geen ruimte voor armen…
2)      “Leef voor de lol”mensen leven voor drank en muziek, God kennen we niet meer…
3)      “Doe wat je hart je ingeeft”mensen leven alsof er geen God en geen oordeel bestaan…
4)      “Alles is goed, je kunt geen verkeerde keuze maken” het kwade noemen ze goed…
5)      “Ik ben perfect”
6)      “Is de wijn in de man, de wijsheid in de kan” – dronken rechters beoordelen verkeerd

In het roepingsvisioen van Jesaja wordt duidelijk dat God een oordeel over zijn eigen volk brengt. De boodschap is: “Luister, maar begrijp niet. Let op, maar zie niets.” (Jes 6:9-10). Hij moet hier zolang mee doorgaan tot het hele volk gedeporteerd is. 

De kinderen van Jesaja
Jesaja geeft zijn kinderen bijzondere namen: Sjear-Jasjub (Js 7:3), Immanuël (Js 7:14 en 8:8-10), en Mahar Sjalal Chasj Basj (Js 8:1-3). Deze kinderen zijn als een wonderteken voor de Israëlieten (Js 8:18). Of Israël hier ook op gelet heeft, blijft de vraag. 
Sjear-Jasjub = een rest zal terugkeren. Deze boodschap komt regelmatig terug in de profetiën van Jesaja. Na vernietiging van de rijkdommen en van de ongehoorzamen, zal God een restant of overblijfsel overlaten waarmee God opnieuw begint (Jes 10:20-22). 

Immanuël God is met ons. Als de koningen van Israël en Syrië tegen Juda ten strijde trekken (2 Kon 16), verzekerd koning Achaz zich van veiligheid door een verbond met de wereldmacht Assyrië. Als Jesaja aan Achaz een teken aanbiedt, slaat de koning dit af. Het teken komt toch: "Zie, de maagd zal zwanger worden en een zoon baren: Immanuël."  

Mahar Sjalal Chasj Baz = Snelle roof, spoedige buit.  Deze profetie komt ook gelegen voor koning Achaz. Voordat het jongetje groot is, zullen de steden Damascus en Samaria al vernietigd zijn. Deze jongen is daarvan het bewijs.

In deze profetieën ontdekken we een klemmende oproep om niet op wereldmachten of geld en rijkdom te vertrouwen. Volgens Jesaja 8:13-15 zullen veel mensen struikelen omdat zij de HEERE niet erkennen en vertrouwen. Als je hem niet vertrouwt, blijkt hij een steen om je aan te stoten, in plaats van een rots om op te bouwen. 




dinsdag 16 mei 2017

Contextualisatie - aansluiten bij leefwerelden...


Met leerlingen van HAVO 2 hebben we samen twee verhalen vergeleken: de toespraak van Petrus aan joden in de tempel en de toespraak van Paulus in Athene aan polytheïsten en filosofen. Een boeiende exercitie. Al vlug ontdekten we dat het gaat om ‘aansluiten’, ofwel contextualisatie. In een schema gaat dat er als volgt uitzien.
Bron
Handelingen 3
Handelingen 17
Spreker
Petrus, apostel voor de joden
Paulus, apostel voor heidenen
Plaats
Jeruzalem (centrum joodse religie)
Athene (centrum Griekse filosofie)
Toehoorders
Joden
Heidenen
Aanleiding
Petrus en Johannes hebben een kreupele man genezen
Paulus spreekt bij de synagoge en de markt over de opstanding
Boodschap
Jezus is opgestaan! Geloof in Hem geeft leven, overvloed en geluk.
Jezus is de Rechter van hemel en aarde. Hij beoordeelt uw leven en wilt dat u zich bekeert van uw slechte leven.
Wat zegt Hij over God?
God heeft Zijn zoon gestuurd
God heeft al door de profeten gesproken. God heeft Jezus opgewekt uit de dood. God spreekt nu nog tot hen en roept op tot bekering
God is de schepper van hemel en aarde. Hij heeft geen tempel en offers nodig van óns. Hij geeft ons alles wat wíj nodig hebben. God heeft Jezus aangesteld als rechter.
Bewijsmateriaal
Genezing van de kreupele
Boeken van de profeten
Sterven en opstanding van Jezus!
Gezaghebbende bronnen
Mozes en de profeten
Griekse Filosoof Aretus: “Wij zijn goddelijk gemaakt”

Moeite met…
Joden hebben moeite om te erkennen dat Jezus de Messias is. Denken dat “de tempel is onze redding” (bijgeloof) of “Wij zijn de enigen die bij God horen” (hoogmoed)
Heidenen hebben moeite met het geloof in de opstanding. Vele Grieken denken “You only live once” (Epicurus) of “Blijf dicht bij jezelf” (Stoa).
Reactie
Velen geloven
Apostelen worden gevangen 
Sommigen geloven
Anderen spotten

Uit deze verhalen blijkt dat de apostelen aansluiten bij de achtergrond van de toehoorders. Zo gebruikt Petrus allemaal voorbeelden uit de profetenboeken, die de Joden voor waar erkennen. En Paulus gebruikt juist voorbeelden uit de Griekse taal en cultuur die deze heidenen begrijpen. Beiden komen in hun toespraak terecht bij de kern: Jezus is de Opgestane, die levensreddende kracht heeft om zowel Joden als heidenen tot de orde te roepen.
We begrijpen nu nog beter hoe Paulus aan de gemeente van Korinthe schrijft: Immers, de ​Joden​ vragen om een teken en de Grieken zoeken wijsheid; 23wij echter prediken ​Christus, de Gekruisigde, voor de ​Joden​ een struikelblok en voor de Grieken een dwaasheid. 24Maar voor hen die geroepen zijn, zowel ​Joden​ als Grieken,prediken wij Christus, de kracht van God en de wijsheid van God.” (1 Kor 1:22-24).

Doorgeven betekent aansluiten. Aansluiten bij de belevingswereld van de mensen. Dit is geen garantie dat het ook geloofd wordt. Aansluiten mag gebeuren in het besef dat God door zijn Geest werkt. En dat het Evangelie met Gods kracht en met Gods wijsheid wordt verkondigd. Hij staat garant voor de oogst die volgt! 

dinsdag 18 april 2017

Jezus leeft - Koning voor altijd!


Veel psalmen van David spreken over het lijden van David en de Zoon van David. Maar bij het lezen van de psalmen na Pasen viel me op hoeveel er gesproken wordt over de heerlijkheid van Zijn koninkrijk. Spreekt David niet tè groots over zijn koningschap? Laten we eens zien wat het oplevert als we de Psalmen in ons Bijbelrooster zien als voorzeggingen van Jezus’ koningschap. En als je zelf wilt proberen - lees de Psalmen nog eens door! Zeker weten dat je er nog meer tegenkomt! 

Psalm
Koningschap van David?!
Vervulling in Jezus – de zoon van David!!
16:10, 11
“Want u zult mijn ziel in het graf niet verlaten, U laat niet toe dat Uw Heilige ontbinding ziet. U maakt mij het pad ten leven bekend; overvloed van blijdschap is bij Uw aangezicht…”
Natuurlijk spreekt David over zijn God die zelfs uitkomsten tegen de dood belooft. Maar pas bij de Heere Jezus wordt werkelijk vervuld dat ‘zijn lichaam niet ontbindt, maar bewaard wordt tot de opstanding’. Jezus de Opgestane!
17:8,9
“Bewaar mij als Uw oogappel, verberg mij onder de schaduw van Uw vleugels voor de goddelozen die mij verwoesten, voor mijn doodsvijanden die mij omsingelen.”
Net als David mogen al Gods vrienden weten dat we beschermd worden. Maar dit alles dankzij Jezus – Gods geliefde Zoon die niet alleen Gods oogappel, maar zelfs het ‘stralende beeld van God Zélf’ is.  
18:5,6 en 8, 10
“Banden van de dood hadden mij omvangen… Banden van het graf omringden mij….”
“Toen daverde en beefde de aarde… hij boog de hemel en daalde neer…”
De opstanding van de Heere Jezus ging gepaard met een aardbeving. Een flitsende engel vanuit de hoogte daalde neer. Jezus steeg uit het graf. Zijn opstandingskracht redt ook ons in alle  omstandigheden!
20:7
“Nu weet ik dat de HEERE zijn gezalfde verlost! Hij zal hem verhoren uit zijn heilige hemel, met machtige daden van heil door zijn rechterhand.”
Deze psalm is een gebed voor de koning. Zijn koningschap wordt door de HEERE beschermd. Jezus’ gerechtigheid krijgt instemming vanuit de hemel. Hij staat op. Laten we dicht bij Jezus blijven – in Hem krijgen we goddelijke bescherming en hulp!
21:5 -7
“Leven heeft hij van U verlangd en U hebt het hem gegeven, lengte van dagen, eeuwig en altijd. Groot is zijn eer… Want U stelt hem voor eeuwig tot grote zegen.”
Veel zonen van David hebben lang geregeerd. Bijv. Salomo, maar ook Josia en Hizkia. Maar geen van hen heeft ‘eeuwig’ geregeerd. Behalve Jezus – dé nakomeling bij uitstek!
22:28
“Alle einden van de aarde zullen eraan denken en zich tot de HEERE bekeren: alle geslachten van de heidenvolken zullen zich voor Uw aangezicht neerbuigen. Want het koningschap is van de HEERE, Hij heerst over de heidenvolken.”
Hierin weerklinkt wat Jezus uitriep: “Mij is alle macht in hemel en op aarde gegeven.” (Mt 28:18). Of denk aan wat Johannes op Patmos zag gebeuren: “Het Lam Dat geslacht is, is het waard om de kracht te ontvangen, en rijkdom, wijsheid, sterkte, eer, heerlijkheid en dankzegging.” (Op. 5:12).
23:2
“De HEERE is mijn Herder.”
Zoals God zich openbaarde aan Mozes als Jahweh (‘Ik zal zijn die ik zal zijn’), openbaart Jezus zich als precies dezelfde Goede Herder.
24:8
“Wie is deze Koning der ere? De HEERE, sterk en geweldig, de HEERE, geweldig in de strijd.”
Als Johannes in een visioen (Op19:11-21) Jezus ziet, wordt Hij Getrouw en Waarachtig genoemd. Hij voert het leger aan , waarmee hij de heidenvolken onder de voet loopt. Hij draagt een bijzondere naam: “Koning der koningen en Heere der heren.”  Met alle respect voor koning David – maar hier kon hij niet aan tippen!  


dinsdag 11 april 2017

Exodus 2.0

De Joodse leiders willen Jezus doden; maar niet op het feest van pascha. En tóch gebeurt dit! Hoe arrangeert Jezus de omstandigheden zo dat Hij op dít feest juist zijn leven geeft? Heeft dit ons iets te zeggen? We kijken vooral naar de betekenis van de Exodus uit Egypte en naar de liederen die het Joodse volk al eeuwen zingt, psalm 113-116.

Bevrijding en verbond
De bevrijding uit Egypte betekent bevrijding van de slavernij. Het volk trekt de woestijn in en de HEERE (JHWH) sluit een verbond met dit volk. Voortaan is ze Zíjn bijzondere volk. Geroepen om Gods wetten na te leven en zijn offers uit te voeren. Deze vrijheid en dankbaarheid worden elk jaar gevierd bij het pascha. Elke vader slacht een lam (verwijst naar bloed dat beschermt) in de tempel, en men eet bij de sedermaaltijd[1] ongezuurde broden (verwijst naar haastig vertrek) en bittere saus (verwijst naar bittere slavernij). Tijdens de maaltijd gaan vier bekers wijn rond: de beker van de heiliging, van de plagen, van de dankzegging en van de lofprijzing.
                Juist bij deze derde beker, die van de verlossing of dankzegging stelt Jezus een nieuw verbond in. Hij breekt het brood in stukken en legt uit “dit is mijn Lichaam” tot verlossing van de wereld uit de zonde. En als hij de derde beker opneemt, zegt hij “Dit is mijn bloed dat voor velen vergoten wordt tot vergeving der zonden.” Redde het bloed van het lam in Egypte de mensen van de doodstraf, dan redt het bloed van Jezus mensen van de dood. Dat Jezus op het pascha stierf is dus niet zomaar! Hij wilde iets nieuws duidelijk maken. Er breekt met mijn dood een nieuw verbond aan: bevrijding uit slavernij van zonde en leven dankzij het Lam van Golgotha!

Psalmen
De Psalmen 113-118 worden traditioneel gezongen bij dit feest. Psalm 114 zingt “toen Israël uit Egypte trok…” en psalm 115 roept “De doden zullen de HEERE niet prijzen… maar wíj zullen de HEERE loven.”  Maar als psalm 116 klinkt, klinkt het lijden van Jezus ons van elke regel tegemoet.
“Banden van de dood hadden mij omvangen, angsten van het graf hadden mij getroffen.”
“De HEERE bewaart de eenvoudigen, ik was uitgeteerd, maar Hij heeft mij verlost.”
“Ik zal de beker van het heil heffen en de Naam van de HEERE aanroepen.”
“Kostbaar is in de ogen van de HEERE de dood van Zijn gunstelingen.”
Het moet voor de Heere Jezus een heftige en bijzondere ervaring zijn geweest. Hij zingt over zichzelf en zijn discipelen hebben het nauwelijks door. Ook weten ze nog niet hoe binnen een jaar Psalm 117 waarheid wordt, waarin staat “Looft de HEERE, alle heidenvolken, prijs Hem, alle natiën.”  Helder klinkt daarin Gods plan om de wereld te redden. Niet alleen het volk Israël, maar alle natiën van de wereld mogen delen in het heil van Israëls God.
                Tenslotte zal psalm 118 diepe inhoud krijgen bij de kruisiging. Jezus wordt als “de steen die de bouwers verworpen hadden, maar tot een hoeksteen wordt.” (vs 22) De echo van de intocht op de ezel klinkt door als ze zingen “Gezegend wie komt in de Naam van de HEERE!” (vs 26) Dat de discipelen het toen nóg niet begrepen? Helder is in elk geval dat je ogen gesloten kunnen blijven voor de bijzondere betekenis van Jezus’ dood. Maar dat de Bijbel er duidelijk over is, moge duidelijk zijn.

Conclusie
Het plan van de leiders gaat niet door. Jezus is immers de leider. Hij besluit te gaan op Zijn tijd. Hij blijkt daarin de HEERE te zijn die de geschiedenis leidt naar Zijn wil.




[1] Zie voor uitleg van de huidige praktijk van Messias belijdende joden  http://www.kerkenisrael.nl/vrede-over-israel/voi49-2b.php?sw=935&sh=934

maandag 10 april 2017

De koning en het ezelsveulen

Een groot deel van het Evangelie is gewijd aan Jezus’ laatste dagen voor de kruisiging. Wat er op die dagen gebeurt, lijken toevallige gebeurtenissen, maar zijn ze dat ook? Jezus rijdt op een geleend ezelsveulen de stad Jeruzalem binnen. Waarom een ezel? En waarom juist op deze dag? We zullen zien dat Hij heel bewust twee profetieën over de komende Messias vervult. Zo is Hij geen toevallige passant in deze wereld, maar een koning die zelfbewust zijn weg gaat.
Het dorpje Bethfagé, een dag na de sabbath. Een ezelin met veulen staan vastgebonden aan een hek, als plotseling twee mannen aan komen lopen. Voor de verbaasde ogen van de eigenaar knopen ze het touw los van het hek. Als hij geschrokken vraagt wat ze willen, zeggen ze: “De Rabbi heeft ze nodig.”
De discipelen begrijpen de bedoeling. Zij leggen hun mantels op het veulen en zetten Jezus op de ezelin. Mensen breken takken van palmbomen en zwaaien ermee, alsof ze een koning binnenhalen. Ook maken ze een loper van jassen en takken op de grond, waarover het ezelsveulen loopt. En Jezus, hij maakt geen bezwaar. Het lijkt bij zijn Koninklijke werk op aarde te horen. De Heiland der wereld heeft dit met een bedoeling gedaan: de mensen moeten zien dat de voorzeggingen over de Messias ook werkelijk uitkomen. Jezus’ daden bewijzen zodoende zijn identiteit. We zullen twee voorzeggingen bekijken.
Voorzegging van het ezelsveulen
Zacharia was een profeet die Israël hoopvolle woorden toesprak bij de herbouw van de tempel. In één van zijn boodschappen zegt hij: “Verheug u zeer, dochter van Sion, Juich, dochter van Jeruzalem. Zie uw Koning zal tot u komen, rechtvaardig, en Hij is een Heiland, arm, en rijdend op een ezel, op een ezelsveulen, het jong van een ezelin.” (Zach. 9:9). De volgelingen van Jezus, en ongetwijfeld ook de Farizeeën moeten geweten hebben wat erop volgde: “Hij zal vrede verkondigen aan de heidenvolken. Zijn heerschappij zal zijn van zee tot zee, van de rivier de Eufraat tot aan de einden van de aarde.”
De koning die op een ezelin de stad binnenrijdt zal dus regeren met vrede. Heidenvolken zullen geen oorlog meer voeren. Vandaar dat de menigte uitzinnig van blijdschap wordt en zich afvraagt: ‘Krijgen we in Jezus deze koning van vrede’?  
Voorzegging van de koning
De mensenmassa begint vervolgens ook Psalm 118 te scanderen. En heel bijzondere psalm in de tijd van het Joodse Pascha met daarin een voorzegging van de reddende koning (Messias). Jeruzalem raakte rond Pascha overvol. Uit alle delen van de wereld kwamen zij in Jeruzalem de bevrijding uit Egypte vieren. Bij de sedermaaltijd zong men de Psalmen 113-118. En deze laatste psalm beschrijft een overwinningsintocht van het leger van Israël. De overwinning is behaald en de koning wordt geëerd. Op alle feestgangers slaat nu de vonk over en zij beginnen Jezus als koning te begroeten: ‘Gezegend wie komt in de Naam van de HEERE!’.
Voor de goede luisteraar zal er echter nog véél meer hebben meegeklonken. En zeker voor Jezus. Wie anders dan Hij kon zeggen “Ik zal niet sterven, maar leven” (vs 17) of ook ‘de steen die de bouwers verworpen hadden, is tot een hoeksteen geworden’. (vs 22) en is Jezus niet de deur ‘door wie de rechtvaardigen binnengaan.’ (vs 20). Deze uitroepen van het volk weerspiegelen een groot verlangen naar een rechtvaardige koning. Echter, niemand van deze mensen had verwacht dat Jezus’ overwinning dóór de dood op Golgotha heenging. En vele mensen hebben hem enkele dagen later als een ongemakkelijke steen verworpen. Ze ergerden zich aan Hem.
Opnieuw is het Pascha. Alle joden in de wereld zullen vandaag (10 april 2017) hun kinderen vertellen over de uittocht uit Egypte. Samen zullen ze deze week zingen de Psalmen 113-118. Zullen zij ook iets zien van Jezus? Het is alsof zij nog eeuwen achter de vervulling aanlopen, of hebben we de nieuwste vervulling nog te verwachten: Jezus die wederkomt, met koninklijke majesteit en waardigheid. Laten wij blijven kijken naar Jezus: dan zien we een koning die bewust uitvoert wat voorzegd was. Een koning die te vertrouwen is. Een koning die vrede verkondigt en uitdeelt!