Zojuist lees ik bij Berkhof een prachtig citaat in par. 42 van zijn Christelijk Geloof
"De Reformatie: zij was naar haar diepste bedoeling geen protest tegen misstanden , ook geen vernieuwing van de leer, zelfs geen 'herontdekking' van het Evangelie, maar een radicalisering van de persoonlijke relatie van de mens tot zijn God. Deze spitste zich toe in de leus van de 'rechtvaardiging door het geloof alleen;, die niet tegen de echte 'goede werken' gericht was, maar tegen een onpersoonlijke, verzakelijkte verhouding van de mens tot God."
Steeds opnieuw zien we dat Gods vaderhart openstaat voor mensen en met hen in contact treedt. De eerste vraag die God onze voorvader Adam stelde, was dan ook een persoonlijke vraag: Adam, waar ben je?
dinsdag 21 juni 2011
dinsdag 24 mei 2011
Gedachten over de dood
Inleiding
Het apostolicum spreekt over de ‘opstanding des vleses’ en een ‘eeuwig leven’. De verwachting van de opstanding is in het Oude latent en in het Nieuwe Testament overduidelijk aanwezig, met als hoogtepunt 1 Korinthe 15 waar Christus geschetst wordt als de Eersteling[1] die opgestaan is. De dood is hier de laatste vijand die tenietgedaan zal worden na de opstanding. De bijbel spreekt over de dood ook als een straf (Genesis 3) en als een toestand waarin God niet geprezen wordt.
Het spreken over de dood is in onze maatschappij allang geen taboe meer. Naast de gedachte dat het ‘met de dood over is’, zijn er ook velen die menen dat de geest van de mens naar een rustplaats gaat, in de hemel komt, bij God is of zelfs opgeroepen kan worden. Steeds weer blijkt de vraag van mensen te zijn naar de menselijke ziel: waar blijft deze? Het plaatsen van urnen, uitstrooien van as op bijzondere plaatsen wijst op een herziening van de dood – het is doodgewoon geworden.
Ik heb de indruk dat het spreken over de menselijke geest sterk beïnvloed is door het Griekse denken. Met name Aristoteles, die de basis legde voor de wetenschap van het Westen heeft met zijn logica . Hij wijst op een trichotomy van L-Z-G, waarbij G het hogere, eeuwige deel is, dat van buiten de mens ingebracht wordt en eeuwig voortbestaat.[2] Christenen hebben deze onderscheiding van lichaam en geest overgenomen, met name Thomas van Aquino . Alleen is bij hem de ziel zelf dit geest-principe (intellectus agens), omdat hij, anders dan Aristotels, meent dat de ziel voortbestaat na de dood, ook zonder lichaam.[3]. In hedendaagse dogmatieken treffen we een voorkeur aan voor een dichotomy, waarbij lichaam en geest onderscheiden entiteiten zijn.[4] Dit berust echter op een filosofische onderscheiding van substanties. Descartes onderscheidde een 1)oneindig volmaakt, een 2) eindig/bewust (geest) en een 3) eindig ruimtelijke (lichaam) substantie. Met name Berkhof heeft hier aandacht voor gevraagd. Hij bespreekt een eerdere grote aandacht voor benadrukken van de lichamelijkheid, waar hij vermeldt dat kerk en theologie aangeleund hebben tegen het platonisch spreken over de ‘onsterfelijke ziel’, die het lichamelijke overleeft. Het NT denkt beslist niet in die richting; het zegt integendeel, dat alleen God onsterfelijkheid bezit (1 Tim 6;16) en dat wij in de opstanding onsterfelijkheid mogen áándoen (1 Cor. 15:53). Vandaar dat in onze eeuw velen uit reactie elke antropologische continuïteit hebben geloochend. Volgens Berkhof doet dit aan de verbondsrelatie te kort; de trouw van God houdt ons ook in de dood vast en staat borg voor onze identiteit ook in de discontinuïteit van de dood.[5]
[1] 1 Korinthe 15 : 20 Maar nu, Christus ís opgewekt uit de doden en is de Eersteling geworden van hen die ontslapen zijn. Paulus weerlegt hier de ontkenning van de opstanding met het bewijs van Christus’ opstanding.
[4] Wayne Grudem,….. chapter 23 ‘The Essential Nature of Man’ spreekt voorkeur uit voor dichotomy, waarbij hij divese teksten aanhaalt. Hij verwerpt hierbij het monisme, vertegenwoordigd door J.A.T. Robinson. Hij spreekt van een immartial part, waarvoor zijn tekstcitaten mij niet overtuigend overkomen. Lukas Handelingen Fil. en Op. 6:9, waarbij de geest overgegeven wordt aan God, en de wens om ‘met Christus’ te zijn besproken wordt.
[5] Berkhof Christelijk Geloof, 1973, p. 508. Hij bespreekt hier G. van der Leeuw, Onsterfelijkheid of opstanding? en P. Althaus Die letzten Dinge.
[6] Diverse websites presenteren deze visie. Onder meer http://www.rnlnd.com/ belangrijke thema’s zijn hierbij contact zoeken met overleden voorouders, een astraal lichaam,
[7] Doornebal,drs. R. Nieuwe heidenen verwerpen elke notie van een schepping van de wereld door een kracht of macht daarbuiten. (in: bundel Evangelisch Werkverband 2011 – nog niet uitgegeven)
zaterdag 19 maart 2011
John Stott - inspirerend bijbelleraar
John Stott – één doel
Christianity Today wijdt aandacht aan de 90e verjaardag van deze gewaardeerde bijbelleraar uit Londen. http://www.christianitytoday.com/ct/2011/march/johnstott.html?start=1 (27 april 2011). Voor zijn verjaardag wordt een bundel uitgegeven met bijdragen van bekenden van deze predikant. John Stott heeft zijn hele leven gewijd aan het woord van God. Zijn hoofdwerk bestaat uit het verklaren van de bijbel, waarvoor hij de reeks Bible Speaks Today. Zijn kracht ligt volgens het artikel aan de focus op het doel waar hij zich voor stelt. Hij gaat door tot zijn werk gereed is, daarna is er pas tijd voor iets nieuws. Het aantal boeken loopt in de tientallen. Bijzonder aan te bevelen is De Bijbel, Gods Woord voor vandaag, met daarin vijf aansprekende heldere preken over de bijbel!
Stott houdt er een bijzondere hobby op na: vogels kijken. In ‘The Birds Our Teachters’ krijgen we een inkijk in prachtige foto’s, gemaakt door de auteur zelf, met levenslessen uit het leven van vogels. Zijn hobby gaf hij de naar ornitheology, wat verwijst naar ornitology (vogelleer) en theology (godsleer). Aan te bevelen!
zaterdag 5 maart 2011
Bileam - spiritueel medium
Het is lastig om van Bileam een goed beeld te krijgen. In Numeri 22 - 24 lezen we van Bileam dat hij de HEER noemt als 'mijn God'. Ook spreekt God tot hem. Aan de andere kant wordt in het Nieuwe Testament gesproken over de list van Bileam en de dwaalleer. Hoe zit dat?
Voor een goed overzicht van de daden van Bileam zie http://nl.wikipedia.org/wiki/Bileam (17 jan 2011)
Laten we alle punten op een rijtje zetten:
1. Bileam betekent letterlijk""Verslinder van het volk". Voor joodse lezers van Numeri zegt zijn naam al genoeg. Iemand die het volk verslindt, kan geen goede boodschap brengen.
2. Bileam is een ziener - een persoon die meer ziet dan anderen: laten we zeggen een spiritistisch medium. Hij wordt genoemd "de man met het geopend oog" (Num. 24:3) Niet voor niets wordt hij door koning Balak meegenomen naar een berg om Israël en de andere volken te zien. Bileam zou dan 'zien' wat hij zeggen moet. Dit wordt in Numeri 24 duidelijk mbt Edom, Seïr, Amelek en de KEnieten: als Balak ze 'ziet', weet hij meteen wat hen in de toekomst zal overkomen.
3. Bileam wordt geleid door de Geest van God. God komt 's nachts tot hem met een boodschap (Num. 22:9-12) en Bileam gehoorzaamt. Als Bileam opnieuw overweegt mee te gaan, ontbrandt de toorn van God (Num.22:22vv). We zien dat hij vervolgens bij iedere zegening hoort wat de HEER spreekt.
4. Het vennijn zit 'm in de staart. Bileam is voor zijn zegening afhankelijk van God. Echter, dit garandeert geen heilig leven: blijkbaar heeft Bileam na zijn 'heldere momenten' in een onderonsje met Balak hem de raad gegeven om het volk met een offerfeest tegemoet te komen. In deze val trappen de Israëlieten helaas wel.
Hier verwijst Micha in hfst 6:5 naar waar het antwoord van Bileam aan Balak betekende dat Israël zich van God afkeerde. Ook in Jozua 13 en 24 wordt over wat Bileam voorzegd heeft aan Israël.
5. In het Nieuwe Testament spreekt de Here Jezus zijn gemeente in Pergamus toe dat zij deleervan Bileam moeten afwijzen. Deze leer houdt in: afgoderij bedrijven en daarmee struikelen, in de strikken van verleiding vallen. Evengoed spreekt de Here Jezus hier over het zwaard , namelijk de straf dit komt, zoals ook Israël in de woestijn van Moab gestraft is.
6. Vervloeking treft tenslotte niet Israël zelf: zij is als volk door God gezegend. Deze vloek treft vervolgens wel Moab, want meerdere keren in het OT, o.a. in Nehemia worden de Moabieten afgehouden van het volk Israël, vanwege... dat zij Israël wilden vervloeken.
7. Bileam is omgekomen, gedood tegelijk met de koningen van Midian (ligt ten zuiden van Moab). Zie dit als straf voor de vervloeking van Gods gezegende volk Israël.
Zie tenslotte ook de site van bijbel en onderwijs: http://www.bijbelenonderwijs.nl/index.php?option=com_content&view=article&id=309:de-ezel-van-bileam&catid=42:artikelen&Itemid=64
Voor een goed overzicht van de daden van Bileam zie http://nl.wikipedia.org/wiki/Bileam (17 jan 2011)
Laten we alle punten op een rijtje zetten:
1. Bileam betekent letterlijk""Verslinder van het volk". Voor joodse lezers van Numeri zegt zijn naam al genoeg. Iemand die het volk verslindt, kan geen goede boodschap brengen.
2. Bileam is een ziener - een persoon die meer ziet dan anderen: laten we zeggen een spiritistisch medium. Hij wordt genoemd "de man met het geopend oog" (Num. 24:3) Niet voor niets wordt hij door koning Balak meegenomen naar een berg om Israël en de andere volken te zien. Bileam zou dan 'zien' wat hij zeggen moet. Dit wordt in Numeri 24 duidelijk mbt Edom, Seïr, Amelek en de KEnieten: als Balak ze 'ziet', weet hij meteen wat hen in de toekomst zal overkomen.
3. Bileam wordt geleid door de Geest van God. God komt 's nachts tot hem met een boodschap (Num. 22:9-12) en Bileam gehoorzaamt. Als Bileam opnieuw overweegt mee te gaan, ontbrandt de toorn van God (Num.22:22vv). We zien dat hij vervolgens bij iedere zegening hoort wat de HEER spreekt.
4. Het vennijn zit 'm in de staart. Bileam is voor zijn zegening afhankelijk van God. Echter, dit garandeert geen heilig leven: blijkbaar heeft Bileam na zijn 'heldere momenten' in een onderonsje met Balak hem de raad gegeven om het volk met een offerfeest tegemoet te komen. In deze val trappen de Israëlieten helaas wel.
Hier verwijst Micha in hfst 6:5 naar waar het antwoord van Bileam aan Balak betekende dat Israël zich van God afkeerde. Ook in Jozua 13 en 24 wordt over wat Bileam voorzegd heeft aan Israël.
5. In het Nieuwe Testament spreekt de Here Jezus zijn gemeente in Pergamus toe dat zij deleervan Bileam moeten afwijzen. Deze leer houdt in: afgoderij bedrijven en daarmee struikelen, in de strikken van verleiding vallen. Evengoed spreekt de Here Jezus hier over het zwaard , namelijk de straf dit komt, zoals ook Israël in de woestijn van Moab gestraft is.
6. Vervloeking treft tenslotte niet Israël zelf: zij is als volk door God gezegend. Deze vloek treft vervolgens wel Moab, want meerdere keren in het OT, o.a. in Nehemia worden de Moabieten afgehouden van het volk Israël, vanwege... dat zij Israël wilden vervloeken.
7. Bileam is omgekomen, gedood tegelijk met de koningen van Midian (ligt ten zuiden van Moab). Zie dit als straf voor de vervloeking van Gods gezegende volk Israël.
Zie tenslotte ook de site van bijbel en onderwijs: http://www.bijbelenonderwijs.nl/index.php?option=com_content&view=article&id=309:de-ezel-van-bileam&catid=42:artikelen&Itemid=64
LiveAsIf.org - 'Christ in You...' - Guilty And Forgiven
Een kostbare les over schuld en vergeving! Het lezen waard.
LiveAsIf.org - 'Christ in You...' - Guilty And Forgiven
LiveAsIf.org - 'Christ in You...' - Guilty And Forgiven
vrijdag 19 november 2010
Oogstfeest
dragend de buidel met zaad,
zal thuiskomen met gejuich,
dragend de volle schoven (Psalm 126:6)
Zaaien en oogsten geven in de agrarische samenleving richting aan het leven. Men leeft van seizoen naar seizoen, van zaaien naar oogsten. Psalm 126 benadrukt dat zaaien onzeker werk is: ‘…de zaaier die met tranen zaait…”, Je weet namelijk nog niet wat de toekomst brengt. Zaaien betekent hopen op de oogst die zal komen, maar nog niet zichtbaar is.
Oogsten daarentegen is een feestelijke aangelegenheid zij dragen de volle schoven. Oogst heeft te maken met ‘opbrengst’; dat wat het land heeft opgebracht. Daarom worden in Israël ook oogstfeesten gehouden, om God te danken voor de overvloed en samen vreugde te beleven aan het dienen van de Heere. Eén van deze feesten is het Pinksterfeest.
Zaaien en oogsten… Hiervan spreekt ook Jezus in Johannes 4. Na de ´bekering´ van de Samaritaanse vrouw en haar getuigenis in de stad, komen de Samaritanen op Jezus af. Tegen de discipelen zegt hij dan het volgende
35 Zegt gijlieden niet: Het zijn nog vier maanden, en dan komt de oogst? Ziet, Ik zeg u: Heft uw ogen op en aanschouwt de landen; want zij zijn alrede wit om te oogsten.
36 En die maait, ontvangt loon, en vergadert vrucht ten eeuwigen leven; opdat zich te zamen verblijde, beide, die zaait en die maait.
Bij deze buitengewone gebeurtenis vallen zaaien en oogsten op één dag. Het gezaaide ( het getuigenis van Jezus) valt in goede aarde en mensen worden geoogst (komen tot Hem).
Ook sprak Jezus in de gelijkenis van het goede zaad en het onkruid (Mt 13) over de oogst. Hier krijgt het een andere invulling: de oogst is de voltooiing van de wereld, te weten het einde. In het laatste bijbelboek, Openbaring, wordt dit herhaald:
14 En ik zag, en ziet, een witte wolk, en op de wolk was Een gezeten, des mensen Zoon gelijk, hebbende op Zijn hoofd een gouden kroon; en in Zijn hand een scherpe sikkel.
15 En een andere engel kwam uit den tempel, roepende met een grote stem tot Dengene, Die op de wolk zat: Zend Uw sikkel en maai; want de ure om te maaien is nu gekomen, dewijl de oogst der aarde rijp is geworden.
De oogst is de voleinding van de wereld. Dan wordt duidelijk wat het leven heeft opgebracht. Wat de vruchten van onze levensboom zijn. En deze beoordeling zal Jezus uitvoeren, nadat de engelen hen hebben bijeengebracht.
Bidden voor de oogst is bidden om maaiers. In Mattheüs 9 spreekt de Heiland over de oogst die wel groot is, maar de arbeiders die weinig zijn. Een ernstige boodschap aan alle gelovigen. Betrokkenheid op het Koninkrijk der hemelen veronderstelt gebed om arbeiders Met oogst wordt hier bedoeld de mensenmenigte die tot God gebracht zal worden.
We leren hieruit het volgende
1. Zoals een boer uitziet naar de oogst, kijkt God uit naar de oogst, het einde van de wereld.
2. Zaaien kost moeite, maar die wordt beloont met ´de oogst´.
3. Arbeiders blijven nodig in het koninkrijk, zo blijft ook gebed nodig om deze werkers.
vrijdag 5 november 2010
Messiasgeheim
Messiasgeheim
In het evangelie komen we verschillende keren tegen dat Jezus verbiedt dat mensen over zijn wonderen vertellen. Waarom zo? Moet niet iedereen weten wie Hij is? We spreken hier van het zogenoemde Messiasgeheim.
Vb. Mt. 12:16 (Hij verbood hen ten strengste Hem bekend te maken; Lukas 5:20 Jezus verbiedt de melaatse man niets van de genezing te vertellen Lukas 8: 56 Jezus verbiedt Jairus niet te spreken over wat er gebeurd was.
Des te opvallender is het verhaal van de bezetene te Gadara, die van legio duivelen verlost is . Deze man krijgt de opdracht om zijn familie te vertellen wat God hem gedaan heeft. (Lukas 8:39). Dit bericht staat midden tussen de twee ‘verboden’ uit Lukas 5 & 8.
Of de omgeving waarin het wonder gebeurt hiermee te maken heeft, spreekt Markus tegen. In Markus 5: 19 draagt Jezus de genezen ‘bezetene’ te vertellen welke grote dingen de Heere gedaan heeft, terwijl de genezen doofstomme in Markus 7:36 weer niet mag vertellen wat er gebeurd is. Beide wonen in hetzelfde gebied: Dekapolis (lett: tien steden), waaronder Gadara valt.
In de theologie spreken we hier van het Messiasgeheim. Verschillende keren lijkt het dat Jezus zijn taak als Messias niet bekend wil maken – zelf voor de hoge raad ontwijkt hij de regelrechte vraag of hij de Messias is. Waarom zo’n Messiasgeheim?
Allereerst merken we op dat veel mensen in Jezus’ tijd hoopten van de Romeinen verlost te worden. Ze wachtten op een sterke leider die hen, net als Judas de Makkabeer zou aanvoeren in de strijd tegen de onderdrukker. Gerben S. Oegema geeft als definitie van de verwachte messis: Een messias is een priesterlijke, Koninklijke of anders omschreven figuur, die een bevrijdende rol in de eindtijd zal spelen.’. De Here Jezus echter heeft andere taken uit te voeren vóórdat de eindtijd komt!
Vervolgens vinden we een antwoord in Markus 8, de kern van het Markusevangelie. Daar vraagt Jezus zijn discipelen: “Wat zeggen de mensen over Mij?” Uit het antwoord blijkt de verschillende visies die mensen hebben. Petrus geeft dan als antwoord: U bent de Christus – dat wil zeggen, de gezalfde van God! Opnieuw verbiedt Hij zijn leerlingen hierover te spreken. En dan… dan komt de reden. Jezus vertelt over zijn lijden, dood en opstanding. Dát is de kern van zijn werk als Messias. En dat zullen niet veel mensen willen inzien. Zelfs Petrus niet (lees maar na in Markus 8: 27 – 9:1).
We zien dus dat Jezus onthullingen over zijn identiteit begeleidt, om premature verklaringen over zijn Messiasschap die slechts misverstanden oproepen tegen te gaan. De openbaring van zijn taak komt pas tot zijn doel in de kruisiging.
We zien in het Evangelie dus dat mensen geen lijdende Messias zochten, en daarom ook Jezus niet hebben (h)erkend. Pas na zijn dood kwamen velen tot geloof! Toen was duidelijk dat het lijden de kerntaak was. Tot zover de uitleg van het Messiasgeheim. Voor een vergelijk zie http://refoweb.nl/vragenrubriek/15829/messiasgeheim
Nu de vraag waarom de ex-bezetene in Gadara wel thuis móet vertellen over de grote daden van God? Een verklaring hiervoor is dat Jezus geen misverstand wil laten ontstaan over zijn bediening. Als mensen menen dat hij politieke of economische hervormingen komt doorvoeren dan zullen ze verkeerde verwachtingen krijgen en hem koning willen maken. En dat is nu juist niet het geval in Gadara. Dáár heeft Jezus iets getoond van zijn macht dat niet voor dubbele uitleg vatbaar is: Ik ben gekomen om de werken des duivels te verbreken (1Joh3:8). Een heldere uitleg geef ik hierbij graag door:
There was nothing in this wonder that could be perverted to political purposes; and the publication of this miracle was focused upon the works of Jesus, rather than bearing upon his identity. Nevertheless, there was a most vivid glimpse of the Lord's deity: "Declare how great things God hath done for thee." "How great things Jesus hath done for him." Bron: http://www.searchgodsword.org/com/bcc/view.cgi?book=lu&chapter=008
Juist daarom denk Ik dat de Here Jezus deze man evangelist maakte in zijn eigen dorp: een wandelend evangelie, een teken dat Jezus macht heeft over de duivelen. Hier laat Hij zijn Goddelijke macht zien, en zullen mensen voor hem buigen en Hem erkennen als hun God. En Jezus zei: Keer terug… en vertel wat God u gedaan heeft. En hij … verkondigde al wat Jezus hem gedaan had.
Abonneren op:
Posts (Atom)