maandag 28 april 2014

Mary Jones en haar Bijbel

Elke keer weer ontroerend: het verhaal van Mary Jones. Een eenvoudig meisje uit het bergland van Wales. Zij maakte in het jaar 1800 een wandeling van wel 45 km om in het stadje Bala in Wales een eigen Bijbel te kopen. Het geld hiervoor had ze in zes jaar tijd gespaard. Kosten noch moeite spaart ze om dit geld bij elkaar te krijgen.
In het kerkje van haar dorp Llanfihangel  raakt ze geboeid door een prachtig exemplaar van de Holy Bible. Zou zij die ooit kunnen lezen? En zou zij die ooit kunnen bezitten? Een eigen bijbel en nog kunnen lezen ook?
De twee wensen  van Mary zullen binnen tien jaar vervuld zijn. Een prediker, Thomas Charles uit het stadje Bala sticht op vershillende plaatsen in Wales


“Mary, Mary…!”
Ja, moeder, ik kom eraan. Nog even mijn handen schoonmaken en een schoon schort voordoen, dan ben ik klaar. Moeder Molly staat buiten te wachten op haar dochter. Moeder heeft een eenvoudige jurk aan, met een wit schort ervoor. Boven op haar hoofd draagt zij een kegelvormige hoed, die arme mensen in Wales dragen.  
Al vlug komt Mary Jones door de deur naar buiten. Met een lantaarn in de hand (voor de terugweg) lopen ze door de heuvels. De zon schijnt fel boven hun hoofd.
“Moeder, zal er straks weer uit de Bijbel gelezen worden?”
“Natuurlijk, Mary. Dat doen we toch altijd.”
(tweegesprek). Mary spreekt haar verlangen uit om de Bijbel niet alleen te openen en te sluiten, maar ook om de vreemde letters te kunnen ontcijferen. Moeder verzucht dat het voor boeren en wolwevers niet eenvoudig is om aan een Bijbel te komen, laat staan om erin te kunnen lezen.
Als ze het dorp binnenlopen, komen ze als eerste bij de kerk.
Een stenen muur bewaakt de toegang. Mary en haar moeder lopen door het kleine poortje de tuin van de kerk in. Bij de ingang van de kerk staat meneer Evans al klaar.
“Mary, wil jij vandaag de bijbel weer openen en sluiten?”
Mary knikt en haar ogen stralen. Dan vraagt ze plompverloren. “Meneer Evans, kunt u me ook vertellen hoe ik kan leren lezen?”
Deze dienst spreekt meneer Evans de kerk toe. “Ik heb zojuist bezoek gehad van dominee Thomas Charles uit Bala. Hij heeft mij een prachtig plan voorgesteld.
Evans spreekt over de zondagsschool die gehouden zal worden. Ook over de school op de dinsdagavond waarop kinderen kunnen leren lezen. “Wie elke keer komt, kan binnen twee jaar zelf een gedeelte van de Bijbel lezen,” zo besluit hij zijn verhaal.
Bij de uitgang wacht mevrouw Evans de kleine Mary op en fluistert haar in het oor: “Mary, als jij kunt lezen, mag je elke zaterdagmiddag na het werken bij ons komen lezen uit de Bijbel! Wat vind je daarvan?”
Op de terugweg spreekt Mary haar verlangen nog een keer uit. “Moeder, weet u nog waar de predikant over sprak? Over de bergen waar we hulp vandaan krijgen? Kijkt u eens naar die grote Cader Idris!” “Mary, als God jou dit verlangen gegeven heeft, zal Hij ook voor de vervulling ervan zorgen!
Mary studeert hard.
Elke keer als ze bij de familie Evans komt, verdient ze wat geld. Stopt dit in een zakje dat ze onder haar kussen bewaart. Als ze voldoende geld heeft, zal ze haar eigen bijbel gaan halen!
Na zes jaar sparen is het zover! Mary heeft voldoende geld.
Ze danst de kamer door. “Moeder, moeder, ik heb genoeg: 17 shilling. Mevrouw Evans zegt dat ik hiermee vast een bijbel kan halen bij dominee Charles in Bala.”
Moeder gaat akkoord en Mary vertrekt op één van de zaterdagen in het jaar 1800 op reis naar Bala. Lange voetpad langs de Cader Idris, lang bergen en dalen. Onderweg zingt ze, citeert ze bijbelgedeelten. Steeds dichter komt ze bij de stad Bala.

Daar wacht haar een bittere teleurstelling. De laatste bijbel is verkocht….
Toch bemachtigt zij het laatste exemplaar, waarin haar naam komt te staan. Thomas Charles zit nadien met de tranen in zijn ogen aan tafel en verzucht: “Als mensen zoveel honger hebben naar het woord van God, moeten we daar toch iets mee. Kon ik iedereen maar een Bijbel geven.”
Dit is het begin van de Bible Society in Wales en Engeland, maar ook in de hele wereld. Vanaf 1804 is de Engelse Bible Society een begrip. God is hier begonnen met een eenvoudig meisje met een groot hart voor Gods Woord!




zaterdag 1 februari 2014

Prekende vrouwen geen probleem – wel een signaal aan christelijk Nederland.

Vormen prekende vrouwen een probleem voor de kerken. Nou, ik meen eerder dat het een signaal  is voor christelijk Nederland. Het werkelijke probleem zit ‘m waarschijnlijk in onze visie op mannen en jongens. Daar dacht ik over na het lezen van een artikel van Gert-Jan Schaap in de EO-visie en de positieve insteek van Almatine Leene. Hoe komt het dat preken geen ideaal is voor veel jongens? Ik denk het te weten. Prekende vrouwen zijn geen probleem voor de kerken, wel een signaal.

Zolang we onze christenjeugd blijven stimuleren om stoere mannen te worden. Zolang we onze jongens bij hun profielkeuze aanmoedigen om toch vooral een bêtarichting op te gaan. Zolang we jongens van 15 jaar een succesvolle baan in de techniek aanbieden, met vet salaris en dito automobiel. Dan blijft preken vooral iets voor alfa’s en alto’s. Voor meiden daarentegen is het inmiddels een bijna bereikt ideaal geworden. Wat is er namelijk heerlijker om grote groepen mensen aan te moedigen? Neem een voorbeeld aan Deborah uit Richteren 4, die een heel mannenleger aanvoerde.  Deborah gaf hiermee wel een signaal af aan de laffe Barak.

Hiermee is meteen het volgende probleem duidelijk. Theologie behoort namelijk onder de geesteswetenschappen, evenals psychologie en geschiedenis. En dat is nu niet niets voor onze die-hearts die vooral houden van actieve banen in de industrie en techniek. Mannen horen in het veld, op de barricades, en niet in de kerk, is het motto. Preken is niet stoer genoeg, meer iets voor vrouwen die één dag in de week dan wat te zeggen hebben vanaf een suffe preekstoel. Begrijpt u, een hele switch in ons denken maakt het mogelijk dat mannen geen interesse meer hebben voor de houten rok (preekstoel). Prekende vrouwen krijgen hiermee de kans van hun leven. Een signaal voor ons mannen in het vrije veld.
Het wordt tijd voor actie op die christelijke scholen. Waarom zouden we jongens bij hun profielkeuze aanmoedigen voor het geld, de grote banen en de vette auto’s te gaan? Inmiddels is de kerk op een punt gekomen dat er weer actief aan de slag gegaan kan worden. Als een herder in het vrije veld, als een ingenieur die de motor van de kerk reviseert, als een manager die de diverse commissies aanstuurt en als een generaal die zijn mensen aanvuurt om door te zetten.

Mannen, pak het signaal op. Schuif deze vrouwen niet aan de kant, maar ontdek welke visie zij delen. Lees voor mijn part het boek Richteren nog maar eens door en zie je taak.


vrijdag 24 januari 2014

Saul.

Saul? 
De eerste koning van Israël begint positief aan zijn regering. 
Stelt zich nederig op, maar lijkt zijn gevoelens al snel niet de baas te kunnen. 
Sprak hij eerst:  "Mijn familie is de kleinste...", vervolgens begint hij zich ook kleingeestig te gedragen. 
Is bang voor negatieve reacties, voor weglopende soldaten. En al vlug gaat hij zijn eigen normen boven God stellen. (voor een kort filmpje)

Bij één van de verhalen uit 1 Samuël schreef een leerling onderstaande (cursieve) teksten over deze man Saul. Heel fijnzinnig wordt je meegenomen het verhaal in. Ga maar eens aan de slag met deze opdrachten... 

Opdracht 1:
In dit verhaal zie je dat het volk af gaat op de buitenkant, Saul is groot en sterk. Wij gaan ook zo vaak op de buitenkant af. Zie je er leuk uit? Zo ja, dan hoor je erbij. Zo nee, dan zoek je maar lekker een ander groepje waar je bij mag horen. Maar stel nou dat diegene juist heel aardig is en lief en behulpzaam. We oordelen veel te snel over iemand. Is dat nou echt nodig?

Op welke manier herken je dit bij jezelf. Doe je dit zelf ook? Hoe zou God hierover oordelen?
Zoek een tekst uit het Nieuwe Testament uit Mattheüs 5-7 en uit Jakobus 1 die hierover Gods mening geeft.
Opdracht 2:
In dit verhaal lees je dat het volk van God afdwaalt, ze verwerpen Hem en kiezen een nieuwe koning.
Hoe vaak hebben wij God al verlaten? Iedere dag verlaten wij God, maar God is zo'n fantastische God dat wij iedere keer weer bij ons terug mogen komen, God zal ons nooit verlaten, Hij vergeeft ons iedere dag weer opnieuw. Laat God toe in je hart en volg Zijn advies op, Hij heeft het beste met je voor en bij Hem kun je altijd terecht! Wauw, zo'n Koning wil iedereen toch?
Saul heeft de Heere ook verlaten. Geldt voor hem ook dat hij 'altijd' bij God terug mag komen? Lees in dit verband eens 1 Samuël 15:22-24 en 1 Samuël 28:5-7. Leg in eigen woorden uit wat er hier gebeurt!

woensdag 9 oktober 2013

Bijbelquiz

Hoeveel weet jij van de Bijbel?
Alle leerlingen uit de eerste en tweede klassen hebben de afgelopen week hun Bijbelkennis getest.
Misschien ben je geselecteerd om door te gaan. 
Vrijdag 18 oktober 2013 is de halve finale. 
Wel 120 leerlingen strijden dan tegen elkaar.

Je kunt je hierop voorbereiden door de boeken Exodus en Handelingen te lezen!
SUC6!!!
 
De dertig beste leerlingen gaan door naar de Finale. 
Deze Finale vindt plaats op Hervormingsdag - 31 oktober 2013 in de laatste lesuren. 




Het hele Nieuwe Testament door?! Doe mee!

Al jaren lezen leerlingen op onze school a.d.h.v. een Bijbelleesrooster de hele Bijbel door. 
Wil je dit ook eens mee beleven? Doe dan mee vanaf 15 oktober! 

Je ontvangt een leesrooster voor elke dag. Thuis lees je vanaf 15 oktober tot 31 december het hele Nieuwe Testament door. Ook andere leerlingen doen hieraan mee. Geef jezelf op door een reactie te plaatsen.

Haal maandag 14 oktober in lokaal 009 een rooster op. 
Je wordt dan definitief ingeschreven. 
Tip: laat je ouders ook meelezen!

Voorbeeld: 
15 oktober - Mattheüs 1-4
16 oktober - Mattheüs 5-7
17 oktober - Mattheüs 8-10

Doe mee en heb een onvergetelijke ervaring! 

donderdag 26 september 2013

Daniël, hoe leef en geloof je in vreemdelingschap?

Onderstaande teksten ontleen ik aan een prachtige meditatie uit Wapenveld, 2013-6. 

Stefan Paas: van God zingen in een vreemd land / uit zijn meditatie in Wapenveld, juni 2013
Geloof wordt in stand gehouden door instituten en regels, door gemeenschappen en religieuze figuren. Zelf kom je deze ook tegen in je straat, je wijk, je kerk en op school. Maar wat, als je alleen komt te staan – door studie in een grote stad terecht komt. Is de God die op dit Eiland (GO) gediend wordt daar ook aanwezig?
Geloven in ballingschap, hoe doe je dat? Deze vraag bespreekt dr. Stefan Paas aan de hand van het verhaal van Daniël in het gelijknamige bijbelboek.  Hier haalt hij een aantal lessen uit voor ons vandaag: christenen in ballingschap. (zie Wapenveld: jaargang 63, juni 2013)
Daniël erkent dat God Zijn volk in ballingschap liet gaan, om  hen te leren dat Hij de God is van de hele aarde. Hij concludeert dat God groter is dan thuis, Hij is de God van de hele aarde. Overal wordt Hij gediend!
Vervolgens leer je onderscheid maken tussen tussen warme nestgeur en God” (cit.). pijnlijk leer je dat God ook daar is waar ik mij niet thuis voel. Heel scherp zegt Paas: “God is niet van mij; ik ben van hem.”.
God geeft tenslotte ook vrienden aan Daniël.  Met deze vriendschap is een periode van ballingschap door te komen. Ook een vriendelijk man als de hoofdeunuch die hen zijn goedheid toont.

Paas concludeert dat  ballingschap ons kan brengen tot geloof in een grotere, verrassender God dan we ooit kennen, en vervolgt deze uitspraak met: dan weten we ook dat Babel niet het eeuwige leven heeft. 

Geweldig. Leven in de 21e Eeuw is mogelijk met God!

donderdag 4 april 2013

Israël - 65 jaar (1948-2013)


In het maandblad Israël Actueel  is er deze maand veel aandacht voor de 65verjaardag van de staat Israël. Met het toenemende anti-semitisme is dit een feit waar zeker bij stilgestaan mag worden. Met de opdracht “bidt om vrede voor Jeruzalem”  zijn de volgende data van belang: 7 april herdenking van de Holocaust, 15 april herdenking van de slachtoffers van terreuraanslagen, en meteen aansluitend tot op dinsdag 16 april de viering van de Onafhankelijkheidsdag, Jom Ha-atsmaoet. De Joodse staat bestaat dan 65 jaar.
Zeker gezien de wereldwijd afnemende steun voor Israël is het van belang om als christenen te blijven bidden voor deze bijzondere natie.